Philippine Wijsman, 1837–1908

Wijsman

Philippine Wijsman is een voorbeeld van een actieve vertaalster die door de tijd heen in vergetelheid is geraakt. Zo was haar sterftejaar niet in een Nederlands naslagwerk te vinden, maar wel in het lemma over Wijsman in Nordisk familjebok, een Zweeds naslagwerk. Vanuit dit lemma en op basis van wat onder andere Meyboom over Wijsman schreef, is er nader onderzoek gedaan en konden meer gegevens over het leven en werk verzameld worden (Meyboom 1905 en 1911).

”Wijsman [Wjs-], P h i l i p p i n e, holländsk skriftställarinna, öfversättarinna af skandinavisk, företrädesvis svensk skönlitteratur, f. 21 juni 1837 i Amsterdam, d. 1907 i Haarlem, skref kortare biografier och karakteristiker (i “Mannen en vrouwen van beteekenis” etc.) öfver en del svenska författare, Ernst Ahlgren (Viktoria Benedictsson Bruzelius), A. Ch. Edgren Leffler och V. Rydberg; utom verk af Björnson, Chr. Boeck, Kielland, B. och J. Lie och Schandorph öfverflyttade hon till holländska ett flertal romaner och noveller af A. Ch. Edgren Leffler, Lundegård, M. Roos, Sigurd (A. Hedenstierna) och A. Wahlenberg samt enstaka, arbeten af Ernst Ahlgren, S. Elkan, G. Af Geijerstam, F. och T. Hedberg, V. von Heidenstam (“Endymion”. 1900), Ellen Idström, Ellen Key, 0. Levertin, Kl. Lundin, G. Nordensvan, J. Nordling, V. Rydberg (“Chrusanteus”, 1886, “Singoalla”, 1899), A. Strindberg (“De Eilanders. Een verhaal uit de scheren”, 1890) och V. H. Wickström. Se vidare Brinkman-Van der Meulen, “Catalogus van boeken enz. in Nederland uitgegeven 1882-1910”. Fröken W. belönades för sina förtjänster om svensk litteratur med medaljen “Litteris et artibus”.
Hj. P-r.“

In het lemma staat dat ze in Amsterdam werd geboren en in Haarlem overleed. Wijsman vertaalde met name vanuit het Zweeds en er wordt gemeld dat ´juffrouw W.´ voor haar inzet voor de Zweedse literatuur de onderscheiding ´Litteris et artibus´ heeft gekregen van de Zweedse koning Oscar II (1829 -1907).
Het geval Wijsman illustreert dat er wel degelijk gegevens over het werk en leven van vergeten (´lost´) vertalers teruggevonden (´found´) kan worden. De plaatsen waar informatie te vinden is over deze groep, zijn vaak niet de institutionele archieven zoals het Letterkundig Museum of de archieven van Aletta (Instituut voor vrouwengeschiedenis), maar familiearchieven voor zover intact. Na verschijning van een artikel over Wijsman in Filter. Tijdschrift over vertalen (2006) kwam ik in contact met de familie van Wijsman. De medaille die Wijsman van de Zweedse koning kreeg, is nog in bezit van de familie en ook de brief van 2 mei 1905 waarin het besluit van Oscar II wordt medegedeeld. De familie stelde ook informatie over de stamboom van Wijsman ter beschikking. De betovergrootouders van Wijsman waren begin achttiende eeuw vanuit Zweden (Stockholm en Karlshamn) naar Amsterdam geëmigreerd. Over de ouders van Wijsman was nog het volgende bekend bij de familie. De moeder van Wijsman stierf twee dagen nadat ze bevallen was van een doodgeboren kind. Ze liet haar man diepbedroefd met 14 kinderen achter en hij verhuisde met de kinderen van Amsterdam naar Cleef in Duitsland. Dat was de reden waarom Wijsman daar opgroeide en Duits haar moedertaal werd. Toen ze terugverhuisde naar Nederland begon ze te vertalen toen ze 45 jaar oud was. Ze was ongehuwd. “Er waren veel dochters, waarvan er maar één getrouwd is. Ik denk dat de anderen door de dood van de moeder afgeschrokken zijn van het huw[e]lijk. Philippina was de jongste”.1 Nader archiefonderzoek gaf als resultaat het sterfjaar 1908, het jaartal in het Zweedse naslagwerk was foutief (Biesemans 2013, 152).
Wat vertaalde Wijsman na haar late debuut als vertaalster in 1884 met novellen van de Zweedse schrijfster Anne Charlotte Edgren-Leffler (1849-1892)? Ze vertaalde voornamelijk uit het Zweeds (Broomans en Jiresch 2006, 33). Van de 18 Zweedse auteurs zijn er 10 in de Zweedse canon opgenomen, de andere auteurs zijn minder bekend of zelfs geheel en al verdwenen uit de literatuurgeschiedenis. Van Leffler vertaalde Wijsman acht titels, 11 van de nu onbekende Sigurd, zeven van de kinderboekenschrijfster en toneelschrijfster Anna Wahlenberg (1858 -1933) en een, maar wel de eerste in een Nederlandse vertaling, van August Strindberg (1849-1912). Wijsman was degene die al deze Zweedse auteurs, op een na, als eerste introduceerde. Ze schreef verschillende artikelen over Scandinavische literatuur in tijdschriften. Wijsman kende veel auteurs persoonlijk, voerde briefwisselingen met hen, vooral met Leffler en organiseerde tournees en rondreizen voor ze. Ze bewoog zich in allerlei kringen en was zichtbaar in het literaire leven van die tijd. Wijsman had een voorkeur voor de maatschappijkritische literatuur van de Moderne Doorbraak waarin de positie van de vrouw een belangrijk thema was.2 Bij de generatie vertalers na haar had ze de reputatie een goede vertaler te zijn. Later, in 1980, kreeg Wijsman veel kritiek voor haar vertaling van Strindberg van de Vlaamse scandinavist Victor Claes (1980).
Wijsman liet een omvangrijk vertaaloeuvre van ongeveer 70 titels na en vertaalde over het algemeen gecanoniseerde auteurs. Ze kende veel auteurs persoonlijk en was actief in verschillende fasen van de cultuurbemiddeling. Voor wat betreft het Zweedse corpus was ze de eerste die auteurs introduceerde en uit de brieven aan de auteurs blijkt dat ze de economische en praktische aspecten niet uit het oog verloor (Broomans en Jiresch 2006). Daarnaast zocht ze publicatiekanalen voor de boeken en organiseerde ze boekpresentaties en tournees. De kroon op haar werk als bemiddelaar van Zweedse literatuur was de onderscheiding ´Litteris et Artibus´ van de Zweedse koning in 1905, aan het eind van haar leven. Hoewel Wijsman in Zweden erkenning kreeg, van tijdgenoten en van de generatie vertaalsters na haar (Broomans en Jiresch 2006, 36), is zij een voorbeeld van een vergeten cultuurbemiddelaar.
Tekenend is dat er tot nu toe geen portret of foto van Philippine Wijsman is gevonden.

Petra Broomans


1. Uit een brief van A. Klokke-Coster (1922-2012) aan Petra Broomans, 18-11-2007. Philippine was een oudtante van haar grootvader. Klokke-Coster had van haar achterneef Cees Wijsman een afschrift van het artikel in Filter gekregen. Het contact met de familie kwam tot stand via Elisabeth Wijsman, de echtgenote van Cees Wijsman.

2. De Moderne Doorbraak is een periode (ca. 1870-1890) in de Scandinavische cultuurgeschiedenis waarin maatschappelijke problemen in kunst en literatuur werden gethematiseerd.

Terug naar overzicht >>>